Lowlands 2012

Lowlands, Biddinghuizen 18, 19 en 20 augustus 2012

De antwoorden waren respectievelijk “yes!”, Yeah!”, “Ja!” “Ja” en “Whoohooooooeeee!” “op de vragen “Lowlands, are you havin’ a good time?”, “Lowlands, do you wanna party?”, Lowlands, gaat het lekker?” “jongens, drinken jullie vooral ook water tussendoor, het is 32 graden” en “I can feel you all love me, do ya?”. Die laatste gesteld door een in extase verkerende emotionele oude soulzanger, Charles Bradley, een van de echte top-optredens van Lowlands 2012. Het antwoord inderdaad lyrisch en massaal geschreeuwd door het in zijn vervoering meegesleurde publiek in de kleine maar enthousiaste Lima. Wat een heerlijke show met de (bijna) AOW-gerechtigde James Brown-achtige verschijning, inclusief zijn opkomst in zwarte cape en met pathos doordrenkte showpasjes. Een heerlijke begeleidingsbandmet een alsmaar doordrinkende toetsenist was hierbij zeker een belangrijk onderdeel.

Maar nu ben ik al halverwege dag 2, en vergeet ik alle acts daarvoor, van deze werkelijk bloedhete Lowlands. Die hitte voorkwam overigens geen enthousiaste reacties van het publiek, want het viel mij op dat zelfs de in mijn ogen wat mindere acts steevast erg uitbundige reacties op wisten te roepen. Ook op de in eerste instantie nog niet overtuigende vrijdag.

Die begon onder andere met Cloud Nothings, met verbeten gebrachte emopunk. Recht toe, recht aan, niet heel overtuigend en met weinig publieksinteractie. Zo’n jam in wasted days, dat rommelt maar een beetje aan, was niet echt goed.

Of Rizzle Kicks echt goed was kan ik niet goed beoordelen, maar buiten in een half beschaduwd plekje klonk het een stuk frisser en feestelijker, prima bandje!

Eeneens buiten de tent in het gras geluisterd naar White Rabbits. Ik kende daar niets van, maar het klonk voldoende goed om er eens achteraan te gaan. Hoewel een echte vonk tijdens het optreden nog niet oversloeg.

Op mijn veel te volle geplande bandlijst stond níet the Refused, maar dat werd wel een van de beste optredens van deze vrijdag! Op papier niet zo aantrekkelijk: Zweedse hardcore punk/metalband die 15 jaar geleden uit elkaar ging en nu weer opnieuw optreden. Maar wat een geweldige performance was dat! Een bonk rauwe energie doorspekt met kwantummechanica en electroshocks. Wauw! Ik heb de rest van het programma even gelaten voor wat het was en het hele optreden met plezier afgekeken.  Zoon Martijn vermaakte zich ondertussen bij Dio en the Gaslight Anthem, ik bleef even hangen bij de woestijnblues van Atri N’Assouf, goed passend bij het tropische weer en ook weer enthousiast bij publiek ontvangen.

Hoog op mijn lijstje stond Django Django, en ondanks het niet geweldige geluid, was dit het tweede top-optreden van de dag. Leuke, maar nog bescheiden presentatie, fijne electronische beats en percussieve liedjes, maar dan ook wel écht liedjes! Je wordt er nog blij van ook.

Lianne La Havas had ondertussen de Lima mega-vol gekregen, en terecht. Wat heeft dit mens een geweldige soul/jazz-stem! Ik stond net wat te ver naar achteren om het heel goed mee te krijgen, maar dit smaakt onherroepelijk naar meer.

Het geplande Hot Chip optreden heb ik laten schieten om (toch maar) wat te eten, en even bij te komen van de toch wel merkbaar drukkende hitte. En terwijl Martijn de drum ’n bass van Example en de feestmuziek van Will and the People opzocht, bleef ik bij de Alpha voor de nog steeds nerveuze stuiterende indie-rock van Bloc Party en de vuige alt-bluesrock van the Black Keys. Beiden overtuigden zeker, met prima concerten, al werd ik nog niet geraakt door het heilig vuur, wat je toch een beetje zoekt. Misschien de overgang, de drukte, de hitte, de vermoeidheid, maar het einde van de eerste dag werd gehaald zonder het gevoel te hebben echte memorabele hoogtepunten te hebben meegemaakt.

Dat werd al een stuk beter op de tweede dag. De al genoemde Charles Bradley. Maar ook de heerlijk ongecompliceerd en qua sound perfect klinkende indie-pop van Two Doors Cinema Club was een genot om te beleven. Opener van de dag Alt-J, waarvoor ik Spinvis liet schieten, klonk ook erg goed. Mooie droompop met veel electronica en staccato percussie. “vreemd” in de goede zin van het woord. Wel was het zo dat de schurende gitaar en vervormde beats ergens halverwege zeer welkom waren en wat vaker gemist werden. Het neigde aan het eind van het concert wat naar voortkabbelen. Maar zeker een band die gaat blijven lijkt me.

Ook bij Blaudzun was het genieten, met een meer dan volle bezetting op het podium. Het leek Kyteman wel! Enkele weken geleden zag ik ze in de Stevenskerk in Nijmegen met een akoestische set. Dat was zeker ook mooi, maar zo, met band, heeft toch absoluut mijn voorkeur. Maar hoe goed het ook was, ik heb het einde niet meer meegemaakt omdat ik nog een stuk Four Tet wilde meemaken, en dat was ook een goede beslissing. Wat mij betreft ook weer een hoogtepunt. Enige minpuntje is altijd dat ik het bandgevoel mis bij zo’n DJ-set, maar het genot van de rubberen beats en als brandinggolven uiteenspattende soundwaves kwam als een aangenaam verkoelende douche over je heen. Fantastische sound.

Martijn vermaakte zich ondertussen bij Fresku (ik alleen laatste stuk meegemaakt), Dope DOD (hier beter uit de verf komend dan op huntenpop) en het volgens hem kolkende feest bij Knife Party.

Flarden maakten we nog mee van Kasabian (wat weer geweldig klonk), Ane Brunthe Walkmen (smaakt naar meer), SMOD (Afrikaanse feest-rap, met o.a. zoon van Amadou & Mariam) en een heel stuk Santigold. Dat laatste klonk ook erg lekker en de show zag er kek uit, maar helaas door drukte en pauzebehoefte grotendeels buiten de tent (en dus minder intens) meebeleefd.

Skrillex was de muzikale afsluiter van deze dag. Na het ontplofte feestje vorig jaar in de Bravo is hij inmiddels gegroeid naar de Alpha. Ook daar leek het haast te klein, de mensenmassa kolkte ruim rond de tent uit. Binnenin was de apocalyps genaderd, met de hogepriester van de dubstep op een megalomaan altaar, omringd door wolken- en vuurspuwende draken en tent-vullende laserbeams. Nee, daar verwacht je geen timide singer-songwriter tussenin, maar wel net zo’n over de top knalfeest vol superlaag grommende bastonen en kanonslagende beats als wat de beschrijving doet verwachten. Een volledig losgeslagen dansfeest dus, een mega-beleving waarbij the Prodigy, zoals eerder al eens genoemd, verbleekt. Maar zowel Martijn en ik hadden allebei wel het gevoel dat er niet essentieel zo veel nieuws te beleven was ten opzichte van het jaar daarvoor. Als je continu over the top wilt zijn, dan zit daar een zeker risico in. Dat risico dreigt bij Skrillex wel, al blijven zijn sounds, met name in de remixen, onweerstaanbaar.

Dag 3 beloofde de ware uitputtingsslag te worden. Dan heb ik het niet over het programma, maar over de temperaturen, die tot ver boven de 30 graden uit zouden stijgen. Vooraan staan in een tent was een ware uitdaging, gutsend van het zweet, af en toe gebruik makend van de emmers water met sponzen die voorbijkwamen. Dat deed je dus met zorg, alleen bij de bands die echt de moeite waard bleken. Zoals bij the Maccabees, eerlijk toegegeven, ook wel gemakkelijk benaderbaar door een vrij lege Alpha. Maar ik bleef er hangen omdat de mooi geconstrueerde en met drie gitaristen gespeelde britrock absoluut boeide van begin tot eind. De band speelde geconcentreerden vroeg die concentratie ook van het publiek. Geen al te gemakkelijke “let’s have a party”-rock, maar puur door de hoge kwaliteit toch een feestje.

Een vergelijkbaar optreden was dat van the Shins, in de Grolsch. Absoluut een feestje, en af en toe knalden de over het algemeen “lieve” liedjes behoorlijk. Dit was mijn eerste Shins-optreden, maar ik kan niet anders constateren dan dat ze echt een hele goede live-band zijn. Een van de toppers.

De tol voor een uur in de tent was totale uitputting, waardoor ik het in de megadrukte rond de Alpha bij de Foo Fighters al snel voor gezien hield. Dit is een megaband met geweldige songs, maar als ik het van een afstand op een videoscherm moet zien, dan kijk ik net zo lief een keer een DVD. Het alternatief werd even chillen buiten de India, bij een relaxed klinkende Wilco, de warmte en indrukken even laten bezinken.

Deze dag begon overigens ook al met een hoogtepunt, bij C2C. Meer een act dan een concert, maar wel een hele indrukwekkende. C2C zijn vier turntablists, die een paar maanden geleden een hit hadden met “down that road”, waarop al de geweldige mix van flarden oude country met beats en scratches te horen was. Dat gebeurde live ook, vier DJ’s die live zeer virtueus muziek bijna letterlijk aan flarden scheuren en er nieuwe beats en grooves van maken. Een geweldig schouw- en luisterspel!

Martijn koos tussendoor nog voor Sleighbells, lekker schurend maar niet heel overtuigend en wij troffen elkaar weer bij Benga. Maar de superkale beats klinken thuis best lekker, hier werden we niet echt geraakt.

Ik was erg benieuwd naar Miike Snow, maar ook hier was het de moordende zon die me tegenhield. De tent stond vol en in de zon vond ik op dat moment geen optie. De vlucht naar de schaduwzijde van de X-Ray liet me nog wel even de mogelijkheid flarden Holy Other mee te maken, hele mooie, zweverige ambient a la Biosphere. Bij de X-Ray bleven we ook voor Rudimental, maar behalve dat het net er buiten, zittend op een liggend olievat, lekker chillen was op de wat conventionele housebeats, kwam het door hit “feel the love” verwachtte knalwerk niet van de grond.

Ook niet van de grond, wat mij betreft, kwam de rauwe rock van Mark Lanegan. Ook hier gold misschien weer de wet van de tropische hitte: ik ga niet zwetend bij 45 graden naar een chagrijnige zompige ouwe rootsrocker zitten kijken die het verdomd contact met zijn publiek te maken.

Tussendoor nog een paar flarden Ewert & the two dragons, iets te veel folk voor mij, en veel sfeer, absoluut veel sfeer. Ondanks de verlammende hitte bleef de sfeer op het festival prima. Het gevoel van drie dagen op een andere planeet te verblijven was er ook dit jaar. En gelukkig was de voor ons afsluitende act, de niet geplande Modeselektor, een waardige vette feestsensatie. Ze stonden er jaren eerder ook al, heetten ondertussen Moderat en het Berlijnse DJ-duo toverde de bravo, net als Skrillex vorig jaar, ook weer om tot een feestende menigte. Loeiharde electrobeats met hypnotiserende en niet voor epileptici geschikte lichtshow. Apart vond ik dat ze in blokjes van zo’n 10-15 minuten werkten en dan tussendoor echt even contact met het publiek maakten. Zij het dan wel met sterk vervormde stemmen. In de mix waren soms zelfs flarden radiohead hoorbaar.

Leuk dat we, voor de cooldown, dwalend over het nog steeds broeierige Lowlandsterrein, dit festival toch in feeststemming, dansend, en op een verrassende topact, af konden sluiten.

Lowlands 2012, de temperatuur was top, de zon was top, de sfeer was weer top en voor een permanent hongerige veelvraat als ik was het uiteraard muzikaal ook weer top. En als laatste: die waterpistolen die telkens in het publiek werden leeggeschoten, die waren zeker ook top!