Typhoon en New Cool Collective 2010

Typhoon en New Cool Collective, Luxorlive, 26 november 2010

Voor de derde maal in 8 dagen een muzikaal hoogtepunt, het kan niet op. Voor de derde maal, maar wel weer hele andere muziek dan de vorige keren. Dit keer een op voorhand interessant klinkende combinatie: New Cool Collective met Typhoon. Ik ken Typhoon voornamelijk via mijn kinderen, die de nieuwe generatie Nederlandstalige rappers koesteren. New Cool Collective is met zijn vooral op blazers georienteerde big-band jazz, weer in mijn generatie bekender. De combinatie leek in ieder geval zo veelbelovend dat Bas en ik met zijn tweeen naar LuxorLive afreisden. En we kregen absoluut geen teleurstelling te verwerken.

Voorprogramma Kernkoppen zette de toon al behoorlijk met funky beats en 2 rappers, waarbij ook jazz een kerningredient van de muzikale maaltijd was. Daarnaast gekke soundjes, denk aan megafoon, vocoder en vooral lekker felle percussie. Ik kende ze niet en was compleet verrast door de power en schwung van dit redelijk korte optreden. Bedoeld als opwarmertje en de temperatuur steeg hierdoor al redelijk snel.

Hot was de hoofdmaaltijd dus al, maar hot & spicey is een betere betiteling. Het begrip “er zin in hebben” straalde er van alle kanten van af. Al horen die mannen van New Cool Collective er natuurlijk vooral “cool” uit te zien (wat ze ook deden), niets kon verhullen dat ze er zin in hadden. Dat moest ook wel met zo’n enthousiasmerend figuur als Typhoon er bij, die ook nog eens extra opgezweept werd door ultrastrak geklede broer O-dog. Bijna 2 uur stond er een een enorme straalkachel aan energie, warmte, positiviteit, swing, power, funk, jazz, zwoelheid, drive, en fun ons in te stralen vanaf het podium. Hip-hop ondersteund door drums, 2 percussionisten, bas, toetsen, 3 blazers, gitarist Anton Goudswaard (ja, die van de Boy Edgarprijs), een zangeres en af en toe nog steun van Rico (Opgezwolle/Fakkelbrigade) en aan het eind nog de 2 rappers van Kernkoppen. Wat een feest. Publieksparticipatie is bij hip-hop eigenlijk een must en behalve het meezwaaien, meezingen en meespringen, hoorde er dit keer ook bij het neerhurken tijdens een nummer, waardoor het begrip “de zaal platspelen” wel heel letterlijk kon worden genomen. De climax toen iedereen weer op mocht springen en meejumpen was bevrijdend en superenergiek.

Voor Bas was dit zijn eerste echte  concert en het enige nadeel hieraan kan ik ook al meteen benoemen: Dit was van ver bovengemiddelde kwaliteit en zal niet zo snel meer overtroffen worden.